Pickleball spelregels in het kort

Pickleball heeft maar een handvol regels en je kent ze na één potje. Twee ervan zijn anders dan bij elke andere racketsport: de bal moet eerst aan beide kanten stuiteren, en vlak bij het net mag je niet volleren. Dit is de complete uitleg voor enkel- en dubbelspel, inclusief de telling die in het begin het meeste verwarring geeft.

De opslag

  • Je serveert onderhands: de bal raak je onder je middel, met een opgaande beweging, het racket onder je pols. Je mag de bal ook eerst laten stuiteren en dan onderhands slaan.
  • Je staat met minstens één voet achter de achterlijn en serveert diagonaal, naar het servicevak schuin tegenover je.
  • De opslag moet vóórbij de keuken landen. Een opslag op de keukenlijn is fout; alle andere lijnen tellen mee.
  • Je hebt één poging. Raakt de bal het net en landt hij in het goede vak, dan speel je door (geen "let").
  • Bij een even score (0, 2, 4 …) serveer je van rechts, bij oneven van links.

De dubbele-stuitregel

Na de opslag laat de ontvanger de bal stuiteren voordat hij terugslaat, en de serverende partij laat die terugslag óók stuiteren. Pas daarna mag iedereen volleren. De regel voorkomt dat de serveerder meteen naar het net stormt en maakt de rally's langer.

De keuken (non-volley zone)

De zone van 2,13 meter aan weerszijden van het net heet de keuken. Je mag er staan en lopen, maar je mag er geen bal uit de lucht slaan. Ook als je buiten de keuken slaat en door je beweging erin stapt, of iets in de keuken laat vallen, is het een fout. Een bal die in de keuken stuitert mag je er wél slaan. Dit is de regel die pickleball zijn karakter geeft: het spel bij het net gaat om zachte "dinks" over het net, niet om smashes.

De telling

Alleen de serverende partij kan scoren. Win je een rally als serveerder, dan krijg je een punt en serveer je opnieuw, vanaf de andere kant. Verlies je de rally als serveerder, dan krijgt de tegenstander geen punt maar wel de opslag (bij dubbel: eerst je partner). Een game gaat tot 11 met twee punten verschil.

EnkelspelDubbelspel
Score roepenTwee cijfers: eigen score – score tegenstanderDrie cijfers: eigen score – score tegenstander – serveerder 1 of 2
Wie serveertWie de vorige rally als serveerder wonBeide spelers van een team serveren om de beurt tot ze een rally verliezen; dan gaat de opslag over
Begin van de gameServeerder begint rechts op 0-0Het eerste team begint op 0-0-2: maar één serveerder in de eerste beurt
Wisselen van kantNa elk gewonnen punt als serveerderDe serveerder wisselt van kant na elk gewonnen punt; de partner blijft staan
GameTot 11, 2 verschilTot 11, 2 verschil

Vijf fouten die iedereen in het begin maakt

  1. Volleren op de terugslag. De serverende partij vergeet dat óók de tweede bal moet stuiteren.
  2. In de keuken volleren. Vooral bij een korte bal: je stapt erin en slaat uit de lucht.
  3. Opslag te hoog geraakt. Het racket komt boven de pols of de bal boven het middel.
  4. Van de verkeerde kant serveren. Even score is rechts, oneven is links; kijk naar je eigen score.
  5. Punten tellen als ontvanger. Alleen de serverende partij scoort; een gewonnen rally als ontvanger levert alleen de opslag op.

Overige fouten: de bal buiten of in het net slaan, de bal twee keer laten stuiteren, het net of de paal raken, de bal raken voordat hij het net is gepasseerd, en de bal met iets anders dan het racket of de rackethand raken.

Veelgestelde vragen over de spelregels

Mag je in de keuken staan?

Ja, je mag er altijd staan en lopen. Je mag er alleen geen volley slaan: een bal die je uit de lucht raakt terwijl je in de keuken staat, of terwijl je erin stapt door je slag, is een fout. Een bal die in de keuken stuitert mag je er gewoon slaan.

Wat betekent de score 4-2-1?

Dat is de telling bij dubbelspel: het serverende team heeft 4 punten, het ontvangende team 2, en de eerste serveerder van het team is aan slag. Wordt het 4-2-2, dan is de tweede serveerder aan de beurt. Bij enkelspel roep je alleen twee cijfers.

Mag de opslag bovenhands?

Nee. Je raakt de bal onder je middel, met de arm omhoog bewegend en het racket onder je pols. Je mag de bal wel eerst laten stuiteren en dan onderhands slaan; die "drop serve" is sinds 2021 toegestaan.

Hoeveel sets speel je?

Recreatief meestal één game tot 11. Bij toernooien is een wedstrijd best of three, games tot 11 met twee punten verschil; sommige finales gaan tot 15 of 21.

Nog niet gespeeld? Lees eerst wat pickleball is en hoe groot het veld moet zijn. Alles wat je nodig hebt zit in één set.